- Homepage
- Inspiratie
- Laatste nieuws
- Toiletten in Hawassa: ziektebeperking en het opbouwen van levensonderhoud
Toiletten in Hawassa: ziektebeperking en het opbouwen van levensonderhoud
Voldoen de nieuw gebouwde openbare en gemeenschappelijke toiletten in Hawassa aan de behoeften van de inwoners? Met die vraag reisde Apoorva Dhingra, masterstudent aan de Yale School of the Environment, in de zomer van 2025 naar deze snelgroeiende stad. Samen met World Waternet onderzocht ze hoe de openbare en gemeenschappelijke toiletten functioneren. Deze voorzieningen zijn gebouwd binnen het Second Ethiopia Urban Water Supply and Sanitation Project (SWUSSP), dat wordt ondersteund door de Wereldbank en aansluit bij het Blue Deal-programma van de waterschappen van Nederland.
Na haar onderzoek naar het baanpotentieel van Indiase watermissies en programma’s zag Apoorva dat waterinfrastructuur niet alleen gebruikers ondersteunt, maar ook werk en inkomen creëert voor veel mensen. Met die blik begon ze haar onderzoek naar de openbare en gemeenschappelijke toiletten binnen SWUSSP. Door te focussen op zowel gebruikers als werknemers kwam ze tot drie hoofdbevindingen:
1. de verbinding tussen gebruiker en toilet functioneert slecht,
2. het bewustzijn van de link tussen gezondheid en hygiëne ontbreekt vaak,
3. en gemeenschappelijke toiletten hebben gerichte ondersteuning nodig om goed te werken.
Bevindingen en voorgestelde oplossingen
In Hawassa interviewde Apoorva 49 mensen en observeerde ze 16 toiletten. Ze zag dat veel essentiële onderdelen kapot zijn, zoals kranen en leidingen. De watervoorziening valt geregeld uit door onbetaalde rekeningen. Ook is de stroom instabiel, de waterdruk te laag om bovengrondse tanks te vullen en zijn schoonmaakmiddelen simpelweg te duur. Hierdoor werkt het contact tussen gebruiker en toilet slecht. Of eenvoudiger: inwoners krijgen vaak een toilet dat niet goed functioneert. Apoorva benadrukt daarbij dat deze problemen niet ontstaan door nalatigheid van werknemers, maar door financiële en bestuurlijke beperkingen.
Apoorva onderzocht ook hoe mensen het verband zien tussen ziekte en hygiëne. In de 65 gebruikers die ze observeerde, waste maar 3 mensen hun handen met zeep. Dat is ongeveer 5 procent. Van de 49 geïnterviewde respondenten meldde 71 procent (35 gevallen) dat er in de afgelopen maand diarree in hun familie voorkwam, terwijl slechts 33 procent (16 gevallen) dat koppelde aan onhygiënische toiletten. Deze combinatie van weinig handzeepgebruik en veel ziektegevallen laat zien dat veel stadsbewoners het risico van slechte hygiëne niet herkennen.
Ze zag ook dat het beheer van openbare en gemeenschappelijke toiletten beter los van elkaar kan staan. Openbare toiletten liggen in drukke gebieden en kunnen daardoor eerder financieel zelfstandig worden. Het hogere aantal bezoekers biedt kansen om kleine bedrijven te integreren, zoals coffeeshops, wasserettes of waterverkoop. Gemeenschapstoiletten zijn daarentegen bedoeld voor een vaste groep huishoudens binnen één wooncomplex. Hun financiële basis hangt daarom volledig af van gezamenlijk beheer, wat lastig wordt als de sociale samenhang zwak is.
Van onderzoek naar actie
Apoorva is een groot voorstander van actiegericht onderzoek en zegt dat ze “staat te popelen om [haar] nieuw verworven vaardigheden en kennis te gebruiken om verandering teweeg te brengen”. World Waternet, dat zich ten doel stelt de waterkringloop wereldwijd te herstellen, heeft in overleg met lokale partners een bedrag van vijfduizend euro uitgetrokken voor gerichte verbeteringsmaatregelen. Of het nu gaat om het repareren van kleine infrastructuur, het verbeteren van de toegang tot zeep en andere schoonmaakmiddelen of het opzetten van een bewustwordingsprogramma, we zetten samen de volgende stap. Apoorva's bevindingen uit dit onderzoek zijn beschikbaar in een beleidsnota en zullen binnenkort worden gepubliceerd in een peer-reviewed tijdschrift. Haar onderzoek werd mogelijk gemaakt met financiering van de Yale School of the Environment en Delta Safe.
Accept cookies to play video